Wetenschap

Temperatuurmeting bij kinderen met een oorthermometer. Betrouwbaarheid en validiteit van een niet-professionele trommelvlies-infraroodthermometer

Gepubliceerd
10 februari 2000

Samenvatting

Doel: Het bepalen van de betrouwbaarheid en validiteit van een niet-professionele trommelvlies-infraroodthermometer bij het vaststellen van koorts bij kinderen (rectale temperatuur >38°C).
Methode: Bij 38 kinderen van 0-6 jaar werd de temperatuur gemeten, tweemaal in hetzelfde oor en éénmaal rectaal. Geregistreerd werden de aanwezigheid van otitis media en cerumen, en de mate waarin het kind meewerkte.
Resultaten: De gegevens van 37 kinderen konden worden geanalyseerd. Zestien kinderen hadden koorts. Het verschil tussen oor- en rectale meting bedroeg gemiddeld -0,1 °C (niet significant). Vergeleken met de rectale meting tendeerde de oormeting bij otitis media acuta naar een iets hogere waarde (gemiddeld +0,1 °C) en bij cerumen en onvolledige medewerking van het kind naar een lagere waarde (gemiddeld -0,4°C, respectievelijk -0,2 à -0,3°C). Sensitiviteit en specificiteit van de oormeting bij het opsporen van koorts bedroegen respectievelijk 94 en 95 procent.
Conclusie: De verschillen tussen oortemperatuur en rectale temperatuur waren gering. Voor een definitief oordeel over de oorthermometer is grootschaliger onderzoek nodig.

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Verder lezen

Temperatuurmeting bij kinderen met een oorthermometer. Betrouwbaarheid en validiteit van een niet-professionele trommelvlies-infraroodthermometer